Om er zeker van te zijn dat niemand er iets van gemerkt heeft.

Een onbelangrijke eigenschap van een verjaardag is dat iedereen het snapt waarom je die viert. Alweer een jaartje ouder, da’s niet niks. Ook al heb je er zelf niks voor moeten doen behalve blijven ademen en belastingen betalen. Toch krijg je felicitaties, taart en toen je nog klein was ook nog ballonnen en een feestje. Voor alle duidelijkheid ik verjaar pas binnen twee weken, op 13 september. Je hoeft me dus nog niet te verwensen.

Maar vandaag speelt er toch iets anders en dat is ook een soort verjaardag want vandaag ben ik exact dertien jaar gestopt met drinken. En dat was, laat daar geen twijfels over bestaan,“iets” minder vanzelfsprekend. Toch is er geen feestje.  Er speelt geen fanfare en er is geen burgemeester die een speech geeft waarop hij zegt.  “Proficiat Janneke gij hebt vandaag dertien jaar lang consequent iets niet gedaan.”

En toch zit ik hier te dubben. Moet ik daar nu iets over zeggen of moet ik deze dag gewoon maar laten passeren?

Niks zeggen, dat heeft iets elegants natuurlijk want dat heeft iets weg van nederigheid en dat past wel bij mij denk ik.  Maar door te zwijgen doe ik ook wel alsof ik boven de erkenning sta en dan lijkt het erop alsof ik de dalai lama van de AA ben geworden. “Zie mij hier eens helemaal geen aandacht vragen voor iets waar ik dertien jaar lang mijn ziel heb ingestoken.”

Als ik je zeg dat ik mezelf met die gedachte niet helemaal vertrouw, lieg ik niet. Want misschien is zwijgen gewoon wel een subtielere manier om aandacht te vragen. Een manier  die stil hoopt dat er toch iemand is die compleet toevallig die datum heeft onthouden. En dat er dan ineens in een berichtje verschijnt met de woorden, “Proficiat Jean!!  Doe er nog maar wa jaren bij……” Waarop ik dan bescheiden uit de lucht kan komen vallen om te zeggen, “Just… Nu ge’t zegt…”

Die mind fuck ken ik van vroeger, alleen toen waren de vloeistoffen anders, rijkelijker uitgegoten en straffer.

Maar eerlijk gezegd, er vandaag over spreken voelt ook een beetje ongemakkelijk aan. Zeker niet omdat ik me schaam, want dat doe ik al lang niet meer maar omdat elk jaar nuchterheid precies een nieuw verhaal vraagt. Een nieuwe balans ofzo of een nieuw soort eindafrekening waarin ik mezelf opnieuw verplicht om het allemaal nog eens uit te leggen. En dat is een beetje ambetant want de waarheid is dat met elke verjaardag mijn realiteit een stuk minder indrukwekkend wordt.

Na dertien jaar ben ik niet ineens een verlichte ziel geworden of zo. Ik was en ik ben nog altijd iemand die op restaurant eerst naar de dranken kijkt. Of op een feest of een receptie denkt, die witte wijn zag er precies niet slecht uit. Ondertussen weet ik wel dat die gedachte al lang geen bevel meer is.

En nu ik het herlees klinken die laatste zinnen weeral veel spectaculairder dan ze in ’t echt zijn.

Dertien jaar geleden stopte ik met drinken omdat ik ondervond dat alcohol veel te veel plaats ingenomen had. Plaats die mij helemaal had weggeduwd. Nu denk ik daar niet elke dag meer aan, wat misschien ergens een succes zou moeten zijn. Maar langs de andere kant, viert niemand dertien jaar omdat hij al zo lang niet meer met zijn hoofd tegen dezelfde muur loopt te bonken. Zeker niet als hij onderweg andere muren heeft gevonden om tegen te bonken. Applaus, toert, toeters, champagne en een groepsfoto met het feestvarken.

En dat is just waarom ik twijfel. Niet omdat ik niet fier zou zijn, maar omdat ik ongepaste fierheid altijd een beetje verdacht vind. Het is dan precies alsof ik mezelf een speekmedaille geef voor een handbalwedstrijd waarbij ik het grootste gedeelte van de match op de bank moest zitten.

En aan een nog andere kant,  als ik er helemaal niks over zeg, doe ik just alsof de dingen zich in die dertien jaar helemaal zelf hebben geregeld en dat volhouden ook maar iets is wat vanzelf gaat, gelijk ademen en belastingen betalen.

Dus als ik het nog eens zeg, zal ik het niet doen met een imagoversterkende LinkedIn-post van het derde knoopsgat met een zonsopgang en een regenboog en met een tenenkrullende quote over dat alles mogelijk is als je er zelf maar in gelooft. Niks van dat soort kul, ik zeg het gewoon als een  feit. Zoiets in de zin van, “Vandaag drink ik al dertien jaar niet meer, punt aan de lijn”.

Want dertien jaar, dat is toch lang genoeg om er niet meer het grootste deel van de dag mee bezig te moeten zijn? Al is het blijkbaar wel lang genoeg om er een hele dag over te lopen piekeren.

En dat is dan weer het perfecte bewijs van hoe weinig behoefte ik nog heb aan de mening van anderen. Ik heb genoeg aan de mijne. Misschien dat ik er daarom een tekst van meer dan achthonderd woorden over geschreven heb. Gewoon om er helemaal zeker van te zijn dat niemand er iets van gemerkt heeft.

Plaats een reactie

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.