Auteur: Jan Pultau

Misthoorn, Amateurfilosoof, Praatjesmaker,Woordbeeldbouwer, Vertelsetjesverteller-

Slechtste seks-ever

‘Is het af, en kan ik hem lezen?’ vraagt ze me, langs de neus weg, terwijl ze zichzelf voor de derde keer koffie inschenkt.

‘Bijna, geloof ik, maar wanneer is af, af genoeg?’ snoef ik lichtjes geïrriteerd. Ik bedoel maar, ‘Wanneer is het echt goed genoeg?’
‘Oei’, piept ze verwonderd, luider dan nodig met een klemtoon die laat uitschijnen dat mijn antwoord haar niet geheel aanstaat.

‘Is het uitstelgedrag of zo?  Ben je ‘weer’ op zoek naar onbestaande redenen die als excuus dienen om iets niet te doen, of ben je in je hoofd ‘weer’ al je gedachten met de grond gelijk aan ’t maken om ze nadien ‘weer’ op te bouwen?’
Om ervan af te zijn, antwoord ik, ‘Zoiets ja, misschien. Dat zal het wel zijn’, goed wetende dat ze met dat antwoord noch vrede, noch genoegen zal nemen.

Ze slaakt een diepe zucht, alsof ze net de slechtste seks-ever heeft gehad. Met haar strengste blik-ever inspecteert ze me van kruin tot teen met donkere ogen die me vanachter een vierkant brilletje taxeren alsof ik nog iets op te biechten heb. Tegelijkertijd trekt ze de linker wenkbrauw vier millimeter op zodat drie denkrimpels op haar voorhoofd verschijnen die haar gezicht nog een strengere aanblik geven.

‘Zijt daar mee getrouwd’, bedenk ik minachtend, zoekend naar de reden van die ontgoochelde zucht omdat ik vermoed dat mijn antwoord op haar hetzelfde effect had alsof ze net de slechtste seks-ever heeft gehad.  Ik kan geen reden bedenken omdat ik onmogelijk kan weten of vrouwen überhaupt een zucht slaken wanneer ze net de slechtste seks-ever hebben gehad aangezien mij dat nog nooit is overkomen.

Goede seks is namelijk net zoals een boek dat nog niet is uitgegeven, het is nooit helemaal af en het is nooit klaar genoeg. Het is nooit een halfslachtige poging. Het is eveneens pruts- en foefelwerk en het duurt net zolang tot wat ik wil bereiken er helemaal vanaf spat.

Heb ik je ooit vriend genoemd?

Men zegt soms dat boven de wolken de lucht altijd blauw is, ook al is dat moeilijk te geloven als je nog nooit boven de wolken bent geweest.

Men beweert dat na de zweepslag van een storm de zon altijd weer tevoorschijn komt.
“Sunshine after rain’”, maar ook dat spreekwoord helpt zelden voor diegenen die de zon vermijden om al maar opnieuw alleen in de regen te blijven staan.

Als vriendschap plots verdwijnt en oplost in de leegte, verplicht het leven je om er met andere ogen naar te zien. Om te oefenen en om beter te leren kijken, om beter te leren voelen en om beter te kunnen denken, zodat je bedreven wordt om waarheden van leugens te onderscheiden

Men zegt dat alles wat gebeurt ergens goed voor is, “what doesn’t kill you makes you strong.”

Men zegt zoveel. Maar wanneer het je aan moed ontbreekt en je angst laat overwinnen, zal je nooit weten, zal je nooit voelen en zal je nooit leven. Niet durven, versplintert de illusie waardoor alles kapotgaat en alles in duizend scherven uit elkaar valt.

Had je me ooit vriend genoemd, je had hier nog kunnen zijn. Ik had er ook nog kunnen zijn.

Geen pleister op een schotwonde

Zal ik voor de verandering eens met de deur in huis vallen? Van overdreven of van giftig positivisme krijg ik stenen kloten. Ik hoef geen roze bril meer om de echte kleuren van het leven te zien.  Een pleister op een schotwond helpt niet. Wanneer het leven schuurt of tegenwerkt, ‘suckt’ het even hard vanachter een roze bril als vanachter een lasbril.

Van overdoses misselijkmakend positivisme als in, ‘alles is geweldig’ of ‘denk er niet aan en blijf positief, maak je geen zorgen en wees blij met wat je hebt, alles komt goed’, echt, ik heb het er helemaal mee gehad. Telkens wanneer ik met zulk toxisch positivisme te maken heb, voelt het aan alsof mijn authentieke emotie ontkend en geminimaliseerd wordt. Ik krijg dan het gevoel dat mijn persoonlijke emotionele ervaring zo verkleind wordt dat ze ongeldig verklaard wordt. Ik krijg er ’t schijt van, maar dat hadden jullie al door.

Natuurlijk valt er iets te zeggen voor, een zonnigere kijk op het leven, maar die dagelijkse overdosis ‘alles is geweldig en alles is uitdagend’, bon, kunnen we ernstig blijven. Alsjeblief?

Wanneer mijn leven pijn deed, wanneer het moeilijk werd en het aan mijn ziel begon te schuren, werd alles pas weer de moeite waard toen ik die negatieve of lastige ervaringen recht in de ogen kon kijken. Om er eens hard mee te rammelen en het aan te pakken.  Geloof me op mijn communieziel wanneer ik je zeg dat elke poging om aan het negatieve of aan de lastigheden te ontsnappen, om ze te vermijden en de kop in te drukken of ze de mond te snoeren, dat alleen maar een averechts effect had op mijn ‘geestelijke gezondheid’. Lijden uit de weg gaan werd de ergste vorm van lijden. Het ontkennen van mijn mislukkingen werd mijn grootste mislukking en het verbergen van mijn fouten werd mijn grootste fout.

Door de wereld een heel selectief beeld te tonen van wie ik echt was, heb ik veel te lang een vals gezicht opgezet. Daardoor werd ik een publiek personage van de wereld rondom mij, in een rol die de mijne niet was. Ik onderdrukte wie ik was en beklemtoonde fel wie ik niet was. Door die valse of ogenschijnlijk positieve emotionele wereld te creëren, trok ik ‘fake-heid’ aan, wat resulteerde in meer namaak, in meer kitschrelaties en in meer oppervlakkige vriendschappen. De gevolgen daarvan zijn jullie bekend.

Als ik terugkijk op mijn leven, iets waar ik de laatste maanden heel veel tijd heb ingestoken, ben ik een paar dingen over mezelf te weten gekomen. Ik heb gemerkt dat met therapie en door veel te praten ik eindelijk de realiteit van mijn emotionele wereld heb leren erkennen. Ik heb hem onder begeleiding van een geweldige vrouw, als het ware uit mijn lijf gesleurd om er een nieuwe betekenis aan te geven. Dat heeft me van een heleboel ondefinieerbare spanningen bevrijdt. Ik werd op weg gezet in het accepteren van mezelf, van mijn verleden, van mijn heden en van een robuuster gevoelsleven.

Dat was me nooit gelukt zolang ik over mijn pijnlijke waarheid een dikke laag toxisch positivisme was blijven leggen. Het was me nooit gelukt als ik was blijven zeggen, ‘Het is wat het is. Alles komt goed of er zijn erger dingen in het leven.’

Door de negatieve dingen te zien en ze een genuanceerde betekenis te geven, ben ik authentiek met mezelf geworden en daardoor met de wereld rondom mij. Door te leren dat de relatie die ik met mezelf onderhoud de relatie weerspiegelt, die ik met anderen onderhoud, vond ik opnieuw verbinding met mezelf.

Soms is het leven klote, en dat is kut, maar ik krijg vandaag maar één kans op dit mooie, pijnlijke, onrechtvaardige, lastige en onvolmaakte leven. Als ik het vastpak en het omarm is de kans groot dat ik er de volle levendigheid mag van ervaren.

Nieuwe sterren

Dit is een kerstkaart met veel vertraging of een nieuwjaarsbrief met iets minder.

Ten eerste, mag ik je bedanken dat je nog steeds in dit leesclubje zit en af en toe een verhaaltje meepikt. Dat is fijn. In de eerste plaats voor mezelf, om te zien dat een krom woord, een scheef gedacht of een filosofische kronkel nog steeds tot een glimlach of een frons kunnen leiden. Ik heb graag dat effect op mensen omdat ik hoop er iets mee in gang te zetten, zelfs al zijn het maar je gedachten. Ik hoop echt om je hier in 2023 ook nog tegen ’t lijf te lopen, om je gedachten op gang te brengen of om je met woorden en zinnen te inspireren. Je mag dat gerust ijdelheid of snobisme noemen, zit er niet mee, ik zeg dat daar ook tegen.

Waarschijnlijk is het ‘old school’ om een nieuwjaarsbrief te schrijven maar ik vind een persoonlijke brief nog wel iets hebben. Het kost meer moeite dan een filmpje opnemen en het heeft meer echtheid, althans dat vind ik.  Als je dat ook vindt kan je hem lezen, als je er de tijd niet wil insteken is dat ook ok. Ik heb per slot van rekening maar een paar dingen te vertellen.

Een nieuwjaarsbrief zou bij voorkeur moeten gaan over wat het afgelopen jaar allemaal gebeurd is, en dat komt nog maar eerst wil ik zeggen dat ik het allemaal nog heel graag doe. Ik schrijf dikwijls en heb daar nog veel plezier aan.  Dus ga ik het zolang blijven doen tot mijn pen leeg is, tot de wind goed zit of tot de zomer en het mooie weer samenvallen. Tot al mijn sterren juist staan. Ik kijk er naar uit.

De nieuwe sterren aan de hemel brengen me naadloos tot 2022. Ik wil daar nog even heel kort op terugblikken om het dan heel ver weg te bergen. 2022 heeft me verbaasd. Het was een jaar van afscheid nemen, van mensen, van vrienden, van droombeelden en van illusies, van het waanidee dat het leven in al zijn facetten maakbaar zou zijn, dat je het naar je hand kan zetten. Ik kwam erachter dat er nog steeds dingen kunnen gebeuren die me van mijn stuk brengen. Ik had dat niet meer verwacht. Die misplaatste overtuiging was onmiskenbaar zwaar overschat en verwaand maar evenzeer verrassend.  Gedwongen afscheid nemen, of dat net niet kunnen doen had me op dwaalsporen gezet. In praatsessies met een schitterende therapeute zocht ik in mijn verwrongen gedachten en in misvormde emoties naar een toekomstspoor. Met elke babbel, werd ik milder tegenover mezelf en rustiger tegen het leven.  Zo kwam stilaan de bakenton in zicht die mijn sloep opnieuw in de veilige thuishaven kon binnenloodsen.

In de maanden die vorderden heb ik samen met mijn therapeute tijd en moeite die nodig was, genomen om rouw, afscheid en ongemakkelijkheden van me af te gooien en plaats te laten maken voor andere dingen. Ik had veel te lang hoogmoedig van daken geroepen dat niets in het leven me nog onderuit kon halen en terwijl ik dat deed was ik langzaamaan in het drijfzand van mezelf aan ’t wegzinken.

Wat ik wil zeggen, en dat is tegelijk mijn wens voor jou.  Maak het leven niet te moeilijk. Probeer niet alles te begrijpen, voel je niet voor alles verantwoordelijk en laat de illusie los dat het leven maakbaar is.  Laat de losse rafels van een onbegrijpelijk verleden hangen of knip ze af als je daar beter van wordt, maar steek er niet al je energie in, want het brengt niet op. Wees mild tegen jezelf en kom in actie, en doe datgene wat je hart je ingeeft. Perfect hoeft het leven niet te zijn, niet slecht is soms al goed genoeg.

Met dat inzicht heb ik aan het einde van 2022 de losse rafels die nog aan mijn levenskostuum hingen losgeknipt. Ik ben er dankbaar voor en het stemt me hoopvol omdat ik voor het eerst het gevoel heb dat me dat min of meer gelukt is. Maar of dat echt het geval zal zijn?  Ik laat het je nog weten, in de nieuwjaarsbrief van 2024.

De deurmat van 2022

2022 was in vele opzichten hetzelfde als 2021, ook al kwam er een ‘twee’ meer in voor.  Toch was het alweer een jaar dat vol gepakt zat met vijven en zessen, met divers en fait divers, met belangrijke kleinigheden en met onbenullige grootigheden.  Soms gebeurde er veel en soms gebeurde er niet genoeg.

Over datgene wat niet genoeg gebeurde ga ik het niet hebben want dan is dit vel papier te klein.  Ik zou dan ook andere mensen moeten betrekken en daarmee ben ik in 2022 gestopt. Aan mezelf heb ik namelijk al genoeg. Dat is dit jaar vaak genoeg gebleken.

2022 was ook kijken in de achteruitkijkspiegel om vast te stellen dat ik aan de kettingbotsingen die achter mij gebeurden niks meer kan veranderen, ook vielen er slachtoffers, doden en gekwetsten. Aan vandaag heb ik genoeg. Dat blijkt, elke dag opnieuw.

Principieel ben ik tegen voornemens, zeker wanneer ze voor mezelf bestemd zijn omdat ik ze toch nooit laat uitkomen. Dat is gebleken in de voorbije 54 jaarwisselingen. Daarom behoud ik mijn voornemens en wensen deze keer alleen voor ieder van jou. Ikzelf heb ze niet nodig, want ik heb echt alles al.

Wat ik wel steevast ga blijven doen is zure mensen enerveren maar daarvoor heb ik geen voornemens nodig, dat zit in mijn DNA. Als symbolisch bewijs van die intentie ga ik mijn oude deurmat aan Tom Van Grieken schenken.  Er staat slechts een woord op, ‘Welkom’.  Ik hoop dat hij de boodschap begrijpt.

Want hoop doet leven, toch? En aan hoop heeft nooit iemand genoeg.