De smeerlap.

 

Volgende week maandag. Ik kijk er tegenop. Weer opnieuw een uur vroeger eerder dag dan dat ik het eindelijk gewend geworden was. De wijzers van de klok zullen me weer zoals elk jaar, minstens gedurende een week verplichten om me een uur sneller moeër te voelen dan dat ik het ben. Het irritante alarm van mijn klokwekker zal me weer ongevraagd een uur vroeger uit mijn natte droom halen waardoor mijn ingebeelde hoogtepunt ook daar naar net-niet zal uitgesteld worden.

Om in het zomeruur te leven moeten zondag alle klokken stipt om twee uur ‘s nachts een uur worden verder gedraaid. Dat is belangrijk want zo moet het gebeuren. Althans volgens Frank en Sabine. Zo niet zal ik maandagochtend ontwaken in een koud huis en zal ik genoodzaakt zijn ijskoffie te slurpen omdat de timers niet gesynchroniseerd zullen zijn aan het opstaan-uur. Is er trouwens iemand vertrouwd met het resetten van de biologische klok? Want zoals elk jaar opnieuw zal mijn ochtenderectie zich zeker weer ongevraagd, storend in uitgesteld relais aandienen. Op een gênant moment. In de auto, of erger tijdens mijn eerste te vroege vergadering of in de lift.

Het was nu net weer licht s’ morgens en ik hoefde me na het werk niet langer af te vragen waar de dag gebleven was wanneer in het grijze duister naar mijn auto zocht. Ik was dat nu net gewoon geworden. De collega’s hadden net aanvaard dat ik het daarom vijf minuten eerder voor bekeken hield.

Opnieuw zal ik steevast vergeten mijn autoklokje te resetten waardoor ik me om zeven uur ’s morgens zeker zal afvragen of het nu zes uur is of negen. Of toch zeven? En dan zal ik me andermaal ergeren omdat die verdomde klok niet kan voort of -teruggedraaid kan worden terwijl de auto rijdt waardoor ik me de dag nadien zeker in dezelfde tergende situatie ga bevinden. Ik durf er gif op nemen.

Halverwege de week, en nadat ik uit pure wanhoop de helft van de klokken minstens drie keer naar voor en de andere helft vier keer achteruit gedraaid te hebben zal ik er achter komen dat ik minstens in de helft van de gevallen op tijd kwam. De andere gevallen kan ik in eer en geweten verontschuldigend wijten aan het zomeruur. Computers stellen zich gelukkig automatisch in maar dat zal ik vergeten zijn waardoor het er maandag in de voormiddag tien uur zal uitzien, het elf uur zal zijn maar toch zal aanvoelen alsof het 12 uur is.

Door de week zal ik er meer en meer van overtuigd raken dat de zomertijd een complot is. Om me te verwarren en om me te doen geloven dat ik energie bespaar. Welke energie? Want ik heb nu al geen overschot om de dag mee rond te maken.

Terugdraaien naar winteruur. Ja, dat begrijp ik nog. Daar ben ik fan van. Daar ben ik helemaal mee omdat mijn biologische klok me dan al soezend tussen het meel laat voelen dat ik een uur langer gekregen heb dan tijdens de zomertijd die me jaar in jaar uit dat gewonnen uur opnieuw afneemt. De smeerlap.

 

  1. Ik vraag me altijd af of er mensen zijn die in het holst van de nacht opstaan om de klok te verzetten.
    Hier is alles behalve ééntje in de keuken digitaal, dus dat lukt wel. De analoge klok in de kleedkamer op het werk verzet ik altijd meteen op maandagmorgen, want die verwarring, inderdaad.
    En qua bioritme past m’n lijf zich vrij snel aan, omdat ik niet klokvast leef. Ontbijt kan ergens tussen 7 en 11u plaatsvinden in het weekend bvb, en gaan slapen doe ik als ik moe ben.

    Like

%d bloggers liken dit: