Zwarte vogels

Ik sta in de keuken en drink koffie. Zwart want zo heb ik hem graag.  Dan proef ik de bitterheid het sterkste. Van achter het glas kijk ik in de tuin. Het is windstil. Dat zie ik aan de bomen. Blad loze takken hangen doods af. “Treurwilg”, die naam is niet slecht zo gekozen. Het grijze wolkendek is rimpelloos strak gespannen en lijkt roerloos. Zonder het geritsel dicht bij de composthoop zou ik denken dat de wereld stilstaat.

Een kwartier al speur ik naar fladderende vleugels. Tot nu toe telde ik 2 Spreeuwen, een Merel, een koppel Pimpelmezen en een zwarte vogel. Dat blijkt een Kauw te zijn maar om daar zeker van te zijn moest ik dat opzoeken. Er bestaan veel zwarte vogels. Zelf kende ik het verschil niet tussen een Kraai of een Kauw. Nu dus wel. Er blijken meer verschillen dan overeenkomsten te zijn. Alleen het roepen en krijsen, dat hebben ze met elkaar gemeen. Er vliegen meer vogels over de dorre Buksus dan dat dat ik er op een andere zaterdagmorgen aandacht voor heb. Ik noteer de soorten en het aantal vliegende passanten netjes op een velletje papier zodat ik straks mijn telling kan doorsturen naar Natuurpunt. Ze hadden dat gevraagd. Vraag me niet waarom.

2 zwarte Kauwen, want ze hebben een dikkere kop en zijn grijzer van kleur dan Kraaien of Raven, krijsen luid. Ka-ka roepen ze tegen elkaar. Ook al zien ze er net eender uit, lijken ze elkaar hun kleur wel te verwijten. Zwart en lawaaierig dat zijn ze alle twee. “De pot verwijt de ketel”: lach ik in gedachten. Ik denk dat het mannetjeskauwen moeten zijn want hun wijfjes zullen wel andere zaken aan hun kop en cloaca hebben, zo een paar weken voor het broedseizoen.

Elke vogel zingt zoals hij gebekt is. Ook al vind ik dat ka-ka-roepen niet veel uitstaan heeft met lied of vogelzang. Toch maakt hun scheer-je-weg-gejoel maar weinig indruk op de andere vogels. De Spreeuwen en de kussende Pimpelmezen gaan gewoon verder waarmee ze bezig waren. De ijverige merel trappelt zenuwachtig een pier uit het zompige gazon. Zijn morgen kon slechter beginnen want op deze tijd van het jaar zitten doorgaans niet veel pieren in het gazon. Die vind je eerder op een warme mesthoop. Vreemd dat die Merel dat niet weet.

Deze week weerde ik bewust alle mediaberichten uit mijn dagelijks dieet. Geen nieuws, goed nieuws! Mijn humeur werd de afgelopen 7 dagen niet bezoedeld door droevige of ergerlijke berichtgeving. Of door haantjesgedrag van menselijke zwarte vogels.

Wat een onbeschrijfelijke luxe, wat een rust! Ik werd er niet door geïndoctrineerd of beïnvloed. Ook niet door de mediamannen of madammen die met hun versie van de feiten hun gelijk wilden halen van diegenen waarvoor ze het opschrijven of uitroepen. Ze hadden geen vat op mij. Ik heb ze niet gehoord want ik heb niet geluisterd. Ik hoef dus geen partij te kiezen want ik heb geen benul over welke onderwerpen de meningen uit elkaar getrokken werden.

Ik kijk verder naar mijn tuin. Naar het gevrij van de Mezen en naar het getrappel in het gazon.

Er vliegt een grote zwerm zwarte vogels over. Spreeuwen denk ik.  Ze zijn terug van Spanje of van Catalonië.  Dat kan ook. Ze komen in elk geval uit het zuiden. Sommigen vliegen links anderen rechts. Een aantal kiest gewoon voor rechtdoor. Een paar 100 meter verder komen ze mooi in harmonie terug bij elkaar en vliegen verder. In één grote zwerm.

De mannelijke zwarte vogels geven luid commentaar met hun enerverende ka ka kreten. Om aandacht te trekken, om af te schrikken of om indruk te maken.

Verder gebeurt er niet veel. Behalve dan dat de andere vogels geen aandacht geven aan het gekrijs. Ze doen gewoon verder. Met hun pier of met hun paringszang. Zo eisen ze ook beetje tuin-ether op.

Elk vogeltje zingt zoals hij gebekt is.

Het gaat nog goed komen.

 

  1. Mooi stukje.

    Niks heerlijker dan het nieuws, tv, radio, feesboek en al die zooi uit het huis houden toch. Alleen komt er altijd een punt dat je toch nog eens gaat spieken, en vraag je je af waarom je dat doet.

    Like

%d bloggers liken dit: