Herfst, zondagmiddag. Grijze lucht hangt neer met een mistige stilte, zo stil dat ik haar bijna kan aanraken. Alles voelt versteend alsof iemand op een pauzeknop heeft gedrukt. Toch zie ik in de dreef van het bos nogal wat mensen slenteren. Hun uitdrukkingsloze gezichten vertellen me niets. Hun passen zijn hetzelfde, stap na stap, alsof ze allemaal aanvaard hebben dat er op deze weg geen zijsprongen meer zijn, alleen dit ene pad.
Als ik naar ze kijk, lijkt het alsof ik zelf leef op automatische piloot. Ik stel me de vraag wanneer ik voor het laatst iets gedaan of gelezen heb dat mezelf of iemand anders in beweging heeft gezet. En bedoel ik niet de alledaagse dingen of de gewone woorden die gemakkelijk inwisselbaar zijn met woorden van gisteren. Ik bedoel woorden die blijven hangen alsof ze de moed hebben gehad om belangrijk genoeg te zijn, om hun eigen weg te gaan en voor altijd te blijven. Woorden die niemand hardop durft uitspreken en slechts een enkeling durft te schrijven.
Daarstraks sprak ik mijn jongste zoon. Hij is in Nepal om daar zijn wereld te veranderen. Na ons gesprek voelde ik een steek, althans ik denk dat het er een was. Misschien ben ik vergeten hoe het voelt om iets wezenlijks of zinvols te doen zoals hij, of om iets te lezen dat verschil maakt, iets te denken dat niet per se veilig hoeft te zijn. Even voel ik me met deze gedachte alsof ik drijf in een stroom van ideeën waarin de oevers nooit veranderen en het uitzicht altijd hetzelfde blijft.
Misschien ervaar je het ook soms, dat gevoel dat je met de stroom wordt meegedreven en dat je zonder logische verklaring gedachten van anderen in je opneemt zonder je af te vragen of ze wel echt van jou zijn. We lezen snel en vluchtig wat ons wordt voorgekauwd en worden de gedachten die anderen ons opdringen. We zijn niet meer kritisch over onze acties en doen gewoon wat men van ons verwacht, netjes in het gareel, veilig en ogenschijnlijk comfortabel.
Maar ergens in die stroom, zitten gelukkig nog mensen die tegen de stroming in bewegen. Mensen die zich herinneren dat ze eigen gedachten hebben, een eigen wil of een eigen, onduidelijk plan. Soms vraag ik me af of ik daar nog toe behoor, tot die groep die er liever voor kiest om vergeten te worden door de meerderheid dan hun eigen ideeën en gedachten in een mal te laten persen. Misschien herken je dat gevoel wel, dat je soms onbewust of uit gemakzucht meegevoerd wordt met de stroom zonder echt stil te staan bij datgene wat je beweegt?
Als het zo is, en je hebt even haltgehouden bij deze gedachten of je hebt ze misschien heel even hebt gedeeld, dan voelt het dat ik je niet helemaal kwijt ben en dat ik niet echt verdwenen ben.
Mocht je er morgen ook nog aan denken, zelfs al is het maar een seconde, maakt het voor mij niet zo veel meer uit dat de rest van de hoop me vandaag al vergeten is.











Je moet ingelogd zijn om een reactie te plaatsen.