In de stille schemering van mijn gedachten, waarin melancholie zich vermengt met verloren illusies en onduidelijke verwachtingen, begeef ik mij nog maar eens in de donkere kamer van reflectie, de plaats waar ik de ontmoeting met mezelf niet kan ontlopen.
Hier, omringd door schaduwen die de lastige en vrolijke contouren van mijn bestaan doen vervagen, word ik geconfronteerd met die ongevraagde gast die aan mijn lijf blijft kleven. Wat moet ik doen wanneer ik te weinig troost of voldoening vind in de dagelijkse dingen en wanneer die eenzame gedachte op mijn schoot klimt en me daar als enig vertrouwd gezelschap afwachtend aankijkt?
In deze kamer van mijn ziel, waarin de muren bedekt zijn met sporen van vergane dromen en onduidelijke verwachtingen, beeld ik me een gesprek in dat ik voer met mijn vertrouwde, denkbeeldige metgezel. Op deze ingebeelde plek mag hij me tot in de schaduw van mijn verleden achtervolgen en is het hem toegestaan dat hij ongestoord opduikt als spookachtige gestalte van mijn verbeelding. Hier mag hij me de meest raadselachtige dingen influisteren of me de moeilijkste vragen stellen, ik doe dat ook bij hem.
Zo vraag ik mijn dierbare metgezel wat we met mijn korter wordende toekomst moeten aanvangen. Zal ik me overgeven aan de onvermijdelijke gang van de gebeurtenissen om me te laten meevoeren zoals een bootje dat doelloos ronddobbert in de onmetelijke zee van de onzekerheid, of zal ik onbevreesd mijn eigen koers bepalen. Iets wat ik in mijn leven nog niet vaak gedaan heb, wetende dat op het einde het lot toch altijd onverbiddelijk toeslaat in dit chaotische universum?
Ik weet dat ik niet veel moeite hoef te doen om mezelf te verliezen in de nostalgie van mijn verleden waarin hoop, verlangen en passie mijn hart deed overlopen. In dezelfde intieme hersenflits durf ik mezelf eveneens afvragen wat er vandaag nog overblijft van al die vurige ambities en spannende dromen die al te vaak alleen maar in mijn hoofd hebben bestaan, als voetstappen op een strand, uitgevaagd bij de eerste vloed.
Was het angst voor teleurstelling en mislukking. Is het vrees voor het onbekende dat me doet vasthouden aan illusies van onbestaande zekerheden. Zijn het dat soort dingen die me verlammen en me doen twijfelen aan de toekomst? Misschien koester ik wel liever de herinnering in plaats van de droom, zonder echt te moeten durven, omdat ik door de privileges van mijn leven vergeten ben wat durven precies betekent.
Op momenten dat de wolken van het heden dreigend zijn, vereist durven moed en bereidheid om zekerheid los te laten en wordt het zelfs een daad van hoop en van geloof in de mogelijkheid op iets beters.
Hier in deze ingebeelde kamer van mijn gedachten, sta ik opnieuw voor de eeuwige dilemma’s van mijn bestaan. Moet ik de herinnering koesteren en me schuilhouden in het veilige bastion van datgene wat voorbij is, of moet ik de sprong wagen in de onbekende diepte van de toekomst?
Het antwoord, lieve lezer, blijft verborgen in het mysterie van het leven zelf en in de schaduwen van het onvermijdelijke. Het enige wat ik kan doen is me niet te laten afschrikken voor wat komt, erop vertrouwend dat iets me altijd zal voortstuwen, al zijn het mijn gedachten.
Het leven en hoe ik het ervaar, is een voortdurende zoektocht naar betekenis en naar antwoorden, ook al blijven ze even ongrijpbaar als de dromen die ik probeer te vangen, allen onlosmakelijk verbonden met de mysterieuze draden van het leven zelf.
