
Op een gelijkaardige grijze, winderige vrijdag de dertiende als deze, een dag op zichzelf al vervuld met tragedie, werd ik geboren. Mijn moeder, zwaargehavend door de laatste perswee, nam me voorzichtig in haar armen en keek naar me alsof ik zojuist een spiegel had gebroken, met paniek in de ogen en met een verschrikte blik alsof ik een zwarte kat was die net onder een ladder was gelopen.
Redenen genoeg dus om me vandaag een verdoemd wezen te voelen om alle onheil en ongeluk op de rug van vrijdag de dertiende te schuiven.
Vrijdag de dertiende, vermijd hem als de pest. Blijf onder het maaiveld en vermijd oogcontact. Mocht je me ontmoeten, sluit jezelf dan op en omring je met zes geluksklavertjes. Gooi elk uur een zak zout over de linkerschouder. Verschuil je achter deuren en gordijnen met een knoflookteentje in de hand en een hoefijzer rond je nek. Huiver van bananenschillen, van ladders en zeker van zwarte katten want zij zijn vandaag de incarnatie van het kwaad en de boodschappers van het noodlot.
Ontwijk me even hard als een kogel uit een geweer, zie je me of spreek je me toch doe het dan met een angst die grenst aan paranoia.
Het leven op vrijdag de dertiende, een horrorfilm die geschreven is door het lot zelf.
Zeg niet dat ik je niet gewaarschuwd heb.

Je moet ingelogd zijn om een reactie te plaatsen.