De lengte doet er (niet) toe

Soms, wanneer een achillespees het voor bekeken houdt en ik op een festivalweide ben aanbeland om aldaar vanuit kikvorsperspectief, noodgedwongen gezeten in een rolstoel, naar de wereld te kijken en moet toezien hoe half blote vrouwenbillen, een occasionele kamelenteen of fel behaarde mannenbenen in mijn blikveld voorbijschuiven, begeef ik me wel eens op een rolstoelplatform.  

In wezen is dat iets voor ècht invalide mensen, maar als marginaal schrijvertje met een gescheurde pees leed ik toch niet al te erg om vanop dat plekje naar feestvierende mensen te kijken. Sterker, vanop een meter boven de begane grond op die festivalweide is het goed om naar een wereld te kijken, een wereld die ik iedere dag een beetje minder begrijp, misschien omdat ik er vanop dat plekje opnieuw vanuit de hoogte naar kon kijken.

Een hobby, noem het een gewoonte die ik van mijn vader heb geërfd. Niet dat hij bij mijn weten ooit een achillespees scheurde of op een rolstoelplatform van een festival heeft gestaan, toch niet dat ik het me kan herinneren, maar hij kon met zijn aangeboren kikvorsperspectief, hij was ten andere maar een meter zeventig, ook heel hard ‘neerkijken’ op grotere mensen. Op zich geen probleem, of misschien wel want ik heb hem die onhebbelijke gewoonte dikwijls verweten.

“De kleine zijn niet geboren om in de grote hun gat te kruipen, en ikzelf, ik ben niet echt klein eerder een valse lange”, zei hij dan. Woorden werden door hem dan met zo’n ingehouden razernij uitgesproken alsof hij kwaad was op iedereen die een paar centimeter groter was dan hijzelf.

Ik begrijp hem en besef nu pas wat hij bedoelde en waarom hij soms razend werd omdat hij zijn wereld vanuit de laagte moest aanschouwen. Ik ondervond het namelijk zelf, dit weekend toen ik me een meter lager vanuit mijn rolwagen in een gesprek probeerde te mengen en vast moest stellen hoe mensen die wat groter van gestalte zijn over hoofden van kleinere mensen heen praten, alsof ze niet bestaan.

Zijn gestalte niet, maar die boosheid heb ik vast en zeker van hem geërfd. Ik zal voortaan dan ook iedereen kleiner dan een meter zeventig op mijn heup zetten zodat ze tijdens een discussie met grote mensen kunnen meespreken.

De lengte doet er (niet) toe!