Categorie: Opinie

Volgende keer gewoon zwijgen.

 

index

De hectische drukte van de afgelopen weken heeft plaats gemaakt voor een stoïcijnse sereniteit.  In huis heerst een rustige kalmte die ik graag heb. Ik heb me horizontaal neergevlijd. Op mijn favorietste plekje onder mijn vertrouwde spreitje, het zwarte goud binnen handbereik. Heel kort denk ik al na over waar ik het wil over hebben. Er is nog niets.  Op de achtergrond deunt Stu Bru wat zweverige zaterdag-middag-muziek. Snoop dogg… zegt stilletjes: “Drop like it’s hot..” en dat is op een andere manier gezegd, wat de komende uren mijn plan is. Ver weg van alle andere  “Nigga’s with an attitude”.

Een deel van de kroost zoekt dezer dagen het gewoel op van de zomerfestivals op om hun geslaagdheid te vieren en heel ver weg te lopen van hun, door mij opgedrongen, toekomstplannen. Ik geef hen geen ongelijk.  Ik denk dat ik ze zo nog het liefst bezig zie. Onbezonnen dartelend door het leven. Al mag het naar mijn gevoel soms ook wel wat minder als “Nigga’s with an attitude.” Maar ja, hoe was ik zelf?

Het vrouwvolk trekt naar Nederland om daar in een of andere outletstore hoog te scoren op hun satisfactieradius door zichzelf genoeg te doen en niet al te veel weerstand bieden tegen on-onderdrukbare impulsaankopen. Ook goed.

Het blauw van mijn opstartscherm vervaagt en ik overloop even waar ik mijn blanco blad wil aan opofferen. Ik vind niet onmiddellijk de juiste invalshoek op een fout onderwerp of de foute invalshoek op het juiste. Ik slurp van mijn koffie een zuig een portie nicotine binnen en speur verder naar een fijn sujet of zou ik gewoon maar zwijgen?

Over Heleen Debruyne uit de afspraak misschien dan iets? Heel in ‘t kort?  Zij trok namelijk maandag nogal scherp van leer tegen Thierry Baudet.  Die Nederlandse roeptoeter die graag boertig brandhout maakt van hedendaagse Dolle Mina’s.  Het makkelijk monddood maken van een schertsfiguur als Baudet met zijn prehistorische benadering van de vrouw was een walk-over en deed me glimlachen omdat ik bijna medelijden voelde. Even kreeg hij van op zijn preekstoel een pied de stal voor zijn controverse maar dat was buiten “de vrouw van de week” gerekend. Met haar uitspraak: “Misschien volgende keer gewoon zwijgen?” legde ze letterlijk en figuurlijk een vinger op de mond van het Forum van Democratie. Onhandig probeerde hij nog wat vel te redden maar het waren kosten op het sterfhuis. Een dezer dagen zie ik haar in staat, tussen de bloedplekken en vuile lakens haar beste soutien in brand steken.  Ik ga haar niet tegenhouden.

Over al de rest ga ik niets schrijven. Niet over Bart de Wever.  Niet over Yvan Mayeur of Wendy Van Wanten.  Niet omdat ze niet de moeite waard zouden zijn maar omdat het hier nu even heel rustig en vredig is.  Maar vooral omdat ik het beeld nog even wil vasthouden van Heleen Debruyne die haar lingerie in de fik aan ’t steken is.

 

M&M’s op het Paaseiland

IMG_1650

Gaat de wereld ten onder aan hebzucht, egoïsme en expansiedrang?”.

“Is veel nog wel genoeg?”

Ik sta er soms wel eens even bij stil. Bijvoorbeeld op een troosteloze zaternamiddag zoals vandaag wanneer ik doelloos naar het plafond staar. Een grote kom met kleurrijke paaseieren binnen handbereik.
Ik vraag me dan af of de immoraliteit van onverzadigbaar verlangen naar meer, of de absolute gulzigheid om alles voor ons zelf te willen niet meer en meer ingebed is in ons dagelijks Westers denken, doen en laten?
Kan dit gedrag dan verklaard worden door een soort van zelfbescherming tegen de onzekerheden van de toekomst? Als een soort van extreme uiting van overlevingsdrang waarbij we we ons dan onbewust afvragen of we überhaupt wel kunnen overleven als de anderen alles overdreven voor zich zelf houden. Als dit zo is wordt op die manier de hebzucht van een andere dan niet de grootste beperking van onszelf?
Zal er wel genoeg zijn?
In het geval van mijn slinkende hoeveelheid paaseieren ben ik allszins niet overtuigd van het tegendeel ! Ik pleit schuldig met voorbedachte rade.

Avarita of zonde van de mateloosheid! Het is des mensen en van alle tijden.

De Rapa Nui in de Stille Zuidzee, net voor de kust van Chili hadden er 1300 jaar
geleden al een vlaag van.
Toen, volgens de overlevering 2 families per kano voor de eerste keer voet aan wal zetten op het eiland, was dat weelderig begroeid met een ogenschijnlijk onuitputtelijke fauna en flora. Naar planten exotische vruchten en overvloedige zaden en bessen moest niet gezocht worden. In dat luilekkerland vlogen de gebraden kippen zomaar in de open monden.
Enige decenia later was het bevolkingsaantal op het Paaseiland toegenomen tot ongeveer 10000 zielen en werd alles net iets schaarser. Om aan de expansiedrang en grootheidswaanzin te voldoen werd het eiland vol stenen bouwwerken gezet en werd het helemaal kaal geplukt tot er geen boom meer restte om de afzichtelijke stenen koppen mee te transporteren. De beschaving ging in zijn onverdroten, hebzuchtig streven naar meer, hoger en groter, door hongersnood en kanibalisme nagenoeg helemaal ten onder.
En dan vraag ik me met een lege kom, zonder paaseieren, bezorgd af of het drama van het Paaseilend niet het voorprogramma was van een groter spectakel waarbij de wereldijskast smelt, de bomen verdwijnen en onze katchou botten niet langer zullen volstaan om onze voeten droog te houden.
Ik weet het niet maar gelukkig heb ik nog 2 grote zakken M&M’s. Voor vandaag heb ik nog net genoeg!

Het alibi van de goudvis

Goed zeker? Of slecht…

Dit antwoord kreeg je 10 jaar geleden steevast toen je vroeg hoe het ging. Hoewel “ca va” toen ook nog wel een kanshebber was. Stel je die vraag vandaag opnieuw om op dezelfde ontwapenende manier aan de weet te komen hoe de zaken staan, hoor je alleen nog: “Druk, druk, druk, ja druk he!”

Druk op het werk, druk met de kinderen, druk met school, druk met de rollen, druk met het sporten, druk met de combinatie, druk bij het plassen… druk van de drukte…. druk, druk, druk.

Beladen in het gewoel om niets te missen proberen we vergeefs de snelheid van de tijd te vertragen. Maar koppig en vastberaden bereiken we het tegenovergestelde. We kiezen voor drukte en omzeilen subtiel klein geluk. De zeilen bol in de wind. 10 beaufort. Met een grote boog er omheen.

 

Als een goudvis zwemmen we rondjes in een kom. Af en toe met de snuit tegen de glazen bokaal gedrukt om er op toe te zien niets te missen.

 

In de hilariteit van de jachtigheid hangt deze luiaard dan aan zijn tak. Hij kijkt niet- begrijpend ondersteboven naar de heisa en het schowspel dat zich onder hem afspeelt.

De drukke begankenis en de commotie rondom gaan volledig aan hem voorbij. Van al die opgelegde poeha is hij al een tijdje afgekickt. Zwemmend in een zee van vrijgevochten vrijheid gaat deze goudvis een beetje tegen de stroom in verder. Volop genietend van de ongedwongenheid die hij zichzelf heeft gegund. En het voelt ge-wel-dig. Een beetje zoals zwemmen in je blootje maar dan zonder bokaal.

Maar eens wordt het voor iedereen stil, rustig en vredig en maakt de drukte voor niemand nog uit.

Hopelijk word je dan niet door je dierbaren bedolven onder tranende emoticons of word je op dat moment niet trending ge-appt over de waterdichte alibi die je jezelf gaf met de drukte van je bezigheid maar kies je nog net op tijd voor iets meer luiaard of zwemmen tegen de stroom. In je blootje.. vrij genietend…zonder bokaal.

Citroenzeste en de geestdriftige beeldenstormer

 

Het classificeren van fout gedrag onder “genetisch voorbestemd” is een geriefelijke dekmantel.  Mijn roken als een Turk en mijn drinken als een Tempelier kreeg ik zo al lang voor Tournee Minerale bestond met de pap mee naar binnen gelepeld.

Toen ik nog niet in staat was om weerspannig of tegendraads te zijn hapte ik  nietsvermoedend gulzig alle familiale mankementen van het verleden op om ze nadien over moeders schouder luid op te boeren. Zelfs hangend aan de navelstreng was de genetische voorbestemdheid al verantwoordelijk voor de kater die nu door mijn hoofd dwaalt omdat ik gisteren te veel 33-ers naar binnen goot. Net zoals mijn vader het mij had geleerd en had voorgedaan.

Lekker gemakkelijk toch? Zo kom ik met alles weg en wordt alles de schuld van  vader, moeder of den bompa die dweepte met den Duits.

Mijn gouden hart, edele geest en ruime blik zijn dan weer wel, louter en alleen het resultaat van mijn persoonlijke ervaring. Persoonlijke ervaring die zorgvuldig opgebouwd werd door de vele pijnlijke, soms genante mislukkingen. Mislukkingen die trouwens volledig toegeschreven  worden aan mijn voorgeslacht. Laat daar absoluut geen misverstand over bestaan.

Met mijn ervaring doe ik nu juiste dingen. Zo leer ik met hetzelfde gouden hart en edele geest maar vooral ook aangepord door de volgzame kudde mee te wandelen met  opgedrongen hypes. Zorgvuldig kies ik er dan eentje uit die best past en waarmee ik kan imponeren.

Zo mogen jullie mij voortaan ook als beëdigd gin(f)menger tutoyeren.

Gewapend met allerlei soorten bessen, komkommer, citroenzeste, peperbollen en kruiden die eerder passen bij de marinade van een konijnenbout dan bij een fris drankje, ging ik aan de slag. Nu brouw ik ook hippe mengsels waarmee ik kan uitpakken. Maar ook mengsels die me een paar 100 jaren geleden voor zeker tot op de brandstapel hadden gebracht.

De snobistische drankjes worden door de volgzame meute, met passende stijve bovenlip zo vlot, veelvuldig en gretig naar binnen gezogen dat hersenactiviteit enige tijd later beperkt wordt tot het hoogstnoodzakelijke minimum.

Tournee General!

Iedereen Gin!

Ad libitum!

Als deze of andere bocht dan opeens deel gaat uitmaken van een patroon of een dagelijks dieet en de roes ervan iets te gevaarlijk word. Of wanneer er door iedereen op elk scherm wat aandacht aan gegeven wordt.. dan wordt het goedje gedurende een maand afgezworen en houden we massaal een geweten zuiverende Westerse Ramadan.

Met zijn allen vasten we er dan op los dat de stukken er af vliegen en reinigen we geest en genen met water en brood. Tenzij je ook een Pascale-Naessens-dieet volgt. Dan enkel met water en wortelen, of pastinaak.

De wassende gesel doet een volledige maand lang deugd om nadien gedurende 12 maanden de vergeetput van het waardebewustzijn in te verdwijnen.  Hij komt er dan alleen nog even uit om afkeurend vinger te wijzen bij een Suikerfeest waarop mensen eveneens de overdadigheid afzweren in een zuiverende vasten.  Zij het met een donkerder tintje.

De westerse waarden bedreigd door te veel culturele gewoonten van de anderen.

Als waarden en gewoonten alleen maar gelden of alleen maar passen in een gemeenschappelijk maatschappelijk gedragen kraam, gaat deze bevlogen dwarsligger steigeren en wordt hij weer even een geestdriftige beeldenstormer die ten strijde trekt tegen de Bastille van de opgedrongen betutteling.

De mens … ik kan daar niet aan uit.

De vleeskuip

Van nature ben ik bedachtzaam op mensen. Soms zelfs een beetje wantrouwig argwanend. Zeker bij nieuwe eerste contacten.

Zoals op recepties bijvoorbeeld dan rekruteer en jureer ik zorgvuldig en precies.

Wie wel?  Wie zeker niet?

Niet geheel op het gemak kijk ik eerst voorzichtig behoedzaam de kat uit de boom en maak ik in een oogwenk uit in welke kuip het vlees behoort. Iedereen past in één van mijn 2 kuipen. De goede vleeskuip en de slechte. Over het nut van een twijfelkuip blijf ik vooralsnog onbeslist.

Één voor een passeert iedereen zonder uitzondering, spitsroede lopend, mijn ingebeelde jury. Eerst betasten mijn denkbeeldige voelsprieten snel van op veilige afstand elk detail en doen een eerste schifting. Dan besnuffel en betast ik.  Onvoelbaar en ga onvermoed verder met de in mijn ogen noodzakelijke vleeskeuring.

Onverbiddelijk mogen de luidruchtige “ik-weet-wel-waarover-ik-spreek-mensen” samen met de “ik-weet-niet-maar-ik-heb-precies-zoiets-van-mensen” elkaar gezelschap houden in de juiste kuip. De kans uitgesloten dat ze daar dezelfde avond nog uitraken.

De “ik-weet-wel-wel-waarover-ik-spreek-mensen” zijn absoluut niet mijn favoriet gezelschap. Ze praten en ratelen oppervlakkig zonder luisteren. Tonen ogenschijnlijk interesse maar zijn zelf te vaak aan ’t woord om die interesse geloofwaardig te maken. Ze willen de hoofdrol maar vallen snel van het podium. In te veel woorden zeggen ze niets. Maar zeker en vooral nooit datgene wat ze beter menen te weten omdat ze weten dat ze het eigenlijk niet weten en er daarom niet echt over spreken.

Dan heb je de “ik-doe-alles-met-een -verborgen-persoonlijke-agenda-mensen” . Je weet wel dat soort mensen. Ze praten subtiel en ogenschijnlijk geïnteresseerd. Maar heimelijk zien ze er netjes op toe dat zij zelf eerst het best bediend worden. Vlug in de eerste kuip ermee.

De “ik-heb-precies-zoiets-van-iets-of-iemand-mensen” vallen even gedecideerd ook uit mijn boot. Ik vertrouw ze niet. Mocht ik iets van iets of iemand hebben en dat was onrechtmatig verkregen dan zou ik het plichtbewust onmiddellijk terug geven. Anders zou ik het houden want dan was het eerlijk gekregen. Te mijden gezelschap. Volgens mijn wellicht te oppervlakkig oordeel althans.

Neen, als ik mag kiezen geef mij dan maar al de anderen.  En de recht-voor-raap-klinkt-het-niet-dan-botst-het-maar-mensen” natuurlijk. Die mogen allemaal, stuk voor stuk met het voordeel van de twijfel in de andere kuip.

Althans tot de eerste, “geloof me maar ik weet wel waarover ik spreek” hen in de andere kuip doet belanden.